ActiefZiet de belastingheffing in Box 3 er zo uit in 2022?

mei 11, 2020

Zoals verwacht wordt de belastingheffing in box 3 veranderd. Belastingbetalers met spaargeld gaan daarvan profiteren. Beleggers en vooral belastingbetalers die lenen om beleggen, gaan meer inkomstenbelasting betalen in box 3. Voor beleggers met laag renderende beleggingen blijft het forfaitaire rendement (man man wat een woord; ook wel fictief rendement genoemd. Een wettelijk vastgesteld percentage dat wordt gebruikt voor de belastingheffing) voor belastingheffing in box 3 relatief hoog ten opzichte van het werkelijk behaalde rendement. 

Beleggers gaan, als de plannen die er zijn zo worden doorgevoerd, meer betalen in box 3! Volgens het kabinetsplan wordt voor iedere euro aan beleggingsvermogen vanaf 2022 uitgegaan van het forfaitaire rendement voor beleggen. Dat is dan belast tegen 33%; nu is het belastingtarief in box 3 nog 30%. In 2020 is het percentage van het forfaitaire beleggingsrendement 5,33%. Beleggers gaan op basis van het percentage voor 2020 dan ook onder het nieuwe systeem meer inkomstenbelasting betalen in box 3; circa 1,76% (= 33% x 5,33%) over hun hele beleggingsvermogen. Beleggers met niet al te grote vermogens gaan er overigens relatief veel meer op achteruit dan de zeer grote vermogens. Die betaalden al (deels) 1,68% in 2019 en gaan naar 1,76% in 2022. Ook bijvoorbeeld belastingbetalers met gefinancierd vastgoed in box 3 gaan meer betalen. Ook zij profiteren nu nog van de vermogensschijven in box 3 waar tot circa 1 miljoen euro per persoon een gecombineerd rendement voor sparen en beleggen geldt.

Berekening box 3-belasting onder het nieuwe systeem

Volgens het kabinetsplan wordt per 2022 eerst bepaald of de bezittingen in box 3 hoger zijn dan een drempel van circa €30.000,-. Dit komt overeen met het huidige heffingsvrije vermogen per persoon (in 2020: €30.846). Tot dit vermogen is er geen inkomensbelasting verschuldigd in box 3. Is het vermogen hoger? Dan vervalt het heffingsvrije vermogen en wordt afzonderlijk gekeken naar;

– de hoeveelheid spaargeld in box3;
– de overige bezittingen in box3;
– de hoogte van de schulden in box 3.

Moet je hier al rekening mee houden als je belegt in vastgoed?

Het hierboven geschetste is nog steeds slechts een plan.
Voordat het 2022 is, zijn er ook nog Tweede Kamerverkiezingen (uiterlijk in maart 2021). Dan ligt deze wetgeving mogelijk al klaar, maar een nieuw kabinet kan wetgeving natuurlijk altijd weer veranderen. Binnen ons netwerk (van o.a. fiscalisten) is men er nog niet zo zeker van dat bovenstaand op exact deze manier zal worden doorgevoerd en rekent men meer op een veel meer gematigde versie van de wijziging. Maar het blijft in ieder geval op fiscaal gebied een interessante tijd!